Mazda 6: Handbediend opschakelen
Opschakelen van de versnellingen is mogelijk met behulp van de keuzehendel of de stuurversnellingschakelaars * .
M1 → M2 → M3 → M4 → M5 → M6
Gebruik van de keuzehendel
Voor het opschakelen naar een hogere versnelling, de keuzehendel eenmaal licht naar achteren duwen.
Gebruik van de stuurversnellingschakelaar
Voor het opschakelen naar een hogere
versnelling met behulp van de
stuurversnellingschakelaars, de UP
schakelaar ( ) eenmaal met uw
vingers naar u toe trekken.
Houd uw handen op de rand van het stuurwiel wanneer u met uw vingers de stuurversnellingschakelaars bedient: Het plaatsen van uw handen binnen de rand van het stuurwiel bij gebruik van de stuurversnellingschakelaars is gevaarlijk. Als de bestuurdersairbag bij een botsing geactiveerd zou worden, zou deze tegen uw handen kunnen slaan en letsel veroorzaken.
- Tijdens langzaam rijden is het mogelijk dat de versnellingen niet automatisch opgeschakeld worden.
- Laat tijdens het rijden in de
handbediende overschakelfunctie
de naald van de toerentalmeter
niet in de RODE ZONE komen.
Verder zal bij het volledig intrappen van het gaspedaal de handbediende overschakelfunctie overschakelen naar de automatische overschakelfunctie.
Wanneer het DSC systeem is uitgeschakeld, is deze functie geannuleerd. Als echter continu met hoge toerentallen wordt gereden, zal de transmissie automatisch opschakelen om de motor te beschermen.
- De stuurversnellingschakelaar kan
tijdelijk gebruikt worden als de
keuzehendel tijdens het rijden in de
stand D staat. De automatische
overschakelfunctie wordt weer terug
ingesteld wanneer de UP schakelaar
(
) voldoende lang naar achteren getrokken wordt.
Handbediend terugschakelen
Terugschakelen van de versnellingen is mogelijk met behulp van de keuzehendel of de stuurversnellingschakelaars * .
M6 → M5 → M4 → M3 → M2→ M1
Gebruik van de keuzehendel
Voor terugschakelen naar een lagere
versnelling, de keuzehendel eenmaal licht
naar voren duwen.
Gebruik van de stuurversnellingschakelaar
Voor het terugschakelen naar een lagere
versnelling met behulp van de
stuurversnellingschakelaars, de DOWN
schakelaar eenmaal met uw vingers
naar
u toe trekken.
Op gladde wegen of bij hoge snelheden niet plotseling afremmen op de motor: Het terugschakelen tijdens het rijden op natte of met sneeuw of ijs overdekte wegen, of tijdens het rijden met hoge snelheden veroorzaakt plotseling afremmen op de motor, hetgeen gevaarlijk is. Door de plotselinge verandering in de draaisnelheid van de banden kunnen de banden gaan slippen. Dit kan er toe leiden dat u de macht over het stuur verliest en een ongeluk veroorzaakt.
Houd uw handen op de rand van het stuurwiel wanneer u met uw vingers de stuurversnellingschakelaars bedient: Het plaatsen van uw handen binnen de rand van het stuurwiel bij gebruik van de stuurversnellingschakelaars is gevaarlijk. Als de bestuurdersairbag bij een botsing geactiveerd zou worden, zou deze tegen uw handen kunnen slaan en letsel veroorzaken.
- Tijdens het rijden met hoge snelheden is het mogelijk dat de versnelling niet automatisch teruggeschakeld wordt.
- Tijdens afremmen op de motor is het mogelijk dat de versnelling automatisch teruggeschakeld wordt, afhankelijk van de rijsnelheid.
- Wanneer het gaspedaal volledig wordt ingedrukt, zal de transmissie terugschakelen naar een lagere versnelling, afhankelijk van de rijsnelheid. Wanneer het DSC systeem is uitgeschakeld, is de kickdown-functie echter buiten werking.
Blokkeermodus voor tweede versnelling
Wanneer bij een rijsnelheid van ongeveer 10 km/h of minder de keuzehendel naar achteren wordt verplaatst , wordt de transmissie ingesteld in de blokkeermodus voor de tweede versnelling. In deze stand wordt de transmissie in de tweede versnelling vergrendeld om het accelereren vanuit stilstand en het rijden op gladde, met sneeuw bedekte wegen te vergemakkelijken.
Als in de blokkeermodus voor de tweede
versnelling de keuzehendel naar achteren
of naar voren
wordt verplaatst, zal de
modus geannuleerd worden.
Schakelstand-indicatielampje
(GSI)
Het schakelstand-indicatielampje dient als hulp voor vermindering van het brandstofverbruik en het verkrijgen van betere rijprestaties. Deze toont de gekozen schakelstand in de instrumentengroep ...
Snelheidslimiet voor schakelstand (overschakelen)
In de handgeschakelde modus is de snelheidslimiet voor elke schakelstand als volgt ingesteld: Wanneer de keuzehendel wordt bediend binnen het bereik van de snelheidslimiet, wordt de versnelling ...
Zie ook:
Mazda 6. Dieseldeeltjesfilter
Dieseldeeltjesfilter
(SKYACTIV-D 2.2)
Het dieseldeeltjesfilter verzamelt en
verwijdert de meeste deeltjes (PM) in de
uitlaatgassen van een dieselmotor.
Dieseldeeltjes die verzameldi zijn door
...
Mazda 6. In staat van paraatheid brengen
van het systeem
1. De ramen en het schuifdak * goed
sluiten.
2. Zet het contact op OFF.
3. Zorg er voor dat de motorkap,
de portieren en de achterklep/het
kofferdeksel gesloten zijn.
4. Druk op de vergren ...